info
TRAININGSSCHEMA

AANMELDEN & AFMELDEN

IN TE LEVEREN SPELERSPASSEN

CONTACT

 
  activiteiten
Afhalen kaarten Ajax-FC Twente
31-07-2010 11:15  
Kantine BQ

Afgifte sleutels
05-08-2010 19:30  
Kantine BQ

Open dag FC Zwolle
07-08-2010  
Stadion FC Zwolle

Afgifte sleutels
12-08-2010 19:30  
Kantine BQ

Vergadering jeugdbestuur
19-08-2010 19:30  
Kantine BQ

Afspraak JdG/TMU/COS/JLA
07-09-2010 19:30  
Kantine BQ

Gebruikersoverleg Stadionplein
16-09-2010 15:00  
nnb

Eurosportring - ontvangst teams
27-05-2011 19:00  
Kantine BQ

Eurosportring - toernooi
28-05-2011  
Velden BQ

Eurosportring - toernooi
29-05-2011  
Velden Be Quick

 
 
 

Ronnie Morsink: het Joop Zoetemelk-effect

 

Het was eventjes rustig in deze rubriek, tijd dus voor een nieuwe aflevering. En wat voor één! Een vraaggesprek met Ronald ‘Ronnie’ Morsink (43), de altijd optimistische linksback en leider van het achtste elftal.

 

Wat is jouw band met Be Quick?

‘Sinds mijn achtste voetbal ik bij Be Quick, dus ik ben hier nu al 35 jaar. Ik ben in 1972 begonnen in de D’tjes, zeg maar wat tegenwoordig de F’jes zouden zijn. Ik woonde toen in de Hortensiastraat. Daarvoor had ik echt de pest aan voetbal, moet ik zeggen. Mijn vader had een stoffenzaak, en daar werkte een mevrouw Van Der Berg. Zij had een zoon van mijn leeftijd die keeper was in de jeugd van Be Quick. Ik ben met hem meegegaan en blijven haken. Hijzelf voetbalt al heel lang niet meer. Tja, als Mohammed niet naar de berg komt, komt Van Der Berg wel naar Mohammed, haha.’

 

Ronnie, je hebt een beetje de reputatie dat jij in de hele club elk jaar de eerste bent die het over kampioenschappen heeft. Meestal al zo rond september, oktober. Hoe komt dat?

‘Dat komt een beetje door het Joop Zoetemelk-effect (-complex, redactie). Dat zat al vroeg in mij. Al vanaf de jeugd ben ik vaak tweede geworden, en ook in de standaardelftallen vochten we regelmatig tegen degradatie. Een kampioenschap blijft dus iets heel bijzonders. Zeven jaar geleden was het de laatste keer. Toen hadden we een mooi team, maar ook nu hebben we een hechte groep. Ik ben geen echte leider, die hebben we ook niet in het team, maar we peppen elkaar op. En ten opzichte van een paar seizoenen geleden zijn de negatieve elementen er wel uit, zogezegd. Toen hadden we jongens die de emoties niet onder controle hadden, die zich aak een beetje onvolwassen gedroegen. Er zijn de laatste jaren wat nieuwe spelers bijgekomen en nu is het allemaal heel positief.’

 

Hoe zou je jouw elftal nu omschrijven?

‘Het zijn allemaal jongens die ervoor gaan en serieus zijn als het moet. Maar de kleedkamersfeer is perfect. Het Babberich-gevoel is dat. Elk jaar gaan we met het team een weekend naar een toernooi in Babberich, en dat is erg goed voor het teamgevoel. We hebben een groep die weet wat we kunnen. Ook zonder de toppers spelen we nog steeds goed.’

 

Je bent de laatste jaren min of meer vergroeid met het achtste elftal. Heb je het nooit een stapje hogerop gezocht?

‘Het hoogste elftal waarin ik heb gespeeld is het derde. Ook heb ik een keertje bij het tweede gezeten. Ik heb nooit de kans gehad om in de selectie te spelen. Na mijn achttiende ben ik ook nog twee jaar weggeweest bij Be Quick, dus ik was ook nog even een dissident. Maar ik heb geen rancune naar mensen in het verleden, want rancune is negatieve energie en daar schiet je niets mee op.’

 

En wat betreft sportieve hoogtepunten?

‘Dat is zeven jaar geleden. Ik was nog nooit kampioen geweest. Het jaar daarvoor hadden we niet zo’n goed seizoen gehad, maar in één keer paste ineens alles. Dat was voor mij het mooiste moment. De kampioenswedstrijd eindigde in 7-1. Er was een jongen die wegging, een bepalende speler, die scoorde die wedstrijd zeven maal.’

 

Was je toen ook al de vaste linksback in je elftal?

‘Toen stond ik al linksback. Op een gegeven moment zak je naar achteren. Eerst van de spits naar het middenveld, en daarna van het middenveld naar de verdediging.’

 

Wat? Ronnie Morsink? Spits?

‘Ja, ik was vroeger spits. In de D’tjes heb ik een keer in één seizoen vijftig keer gescoord. Ik heb toen zelfs een keer een keepers bewusteloos geschoten. Dat was tegen Dalfsen op een toernooitje. Mensen uit Dalfsen heten Dalfser Moppen, maar dit is zeker geen mop hoor.’

 

Tot slot, wat is je mening over het nieuwe clubhuis?

‘De kantine was niet meer “je van het”. Deze is wel vier keer zo groot als de oude. Het moet nog een beetje een plaats krijgen bij de Be Quickers, maar het moest wel zo gebeuren. De accommodatie die we tot vorig seizoen hadden was van het jaar nul.’
 
 
 
Door: Koos Plegt.

 
 
  zoeken
  inhoud
Meer >>  
Alle Rechten Voorbehouden © BeQuick '28 • Powered by Webza  
 
Geen sportlink gegevens